Restschuld lening berekenen: aflossingsschema en extra aflossen
De restschuld van een lening is de nog openstaande hoofdsom op een gekozen datum. Je berekent die door gewone en extra aflossingen van de beginschuld af te trekken en eventuele extra opnames toe te voegen. Rente is geen aflossing. Wil je de lening volledig beëindigen, dan kan het bedrag op de aflosnota afwijken van deze berekende restschuld.
Restschuld berekenen: begin met de hoofdsom
In dit artikel betekent restschuld de openstaande lening, niet specifiek een tekort na verkoop van een woning. De basis is de daadwerkelijk opgenomen hoofdsom. Daar gaan de aflossingen vanaf. Nieuwe opnames of correcties die de schuld verhogen, tel je erbij op. Gebruik bedragen die horen bij dezelfde peildatum.
Het totaal van je bankbetalingen aftrekken van de oorspronkelijke lening geeft meestal een te lage restschuld. Een termijnbetaling kan immers zowel rente als aflossing bevatten. Alleen het deel dat de hoofdsom vermindert, telt als aflossing in deze saldocontrole.
Een aflossingsschema maken met de juiste gegevens
Een aflossingsschema is een model van de afspraken. Bij afwijkende dagrenteberekeningen, afronding, achterstanden of bijzondere kosten kan het schema verschillen van het contractuele saldo. Vergelijk daarom niet alleen het laatste bedrag, maar ook de afzonderlijke termijnregels.
- Hoofdsom: het geleende bedrag, niet de totale betalingen inclusief toekomstige rente.
- Startdatum en eerste betaaldatum: leg vast wanneer iedere termijn valt.
- Looptijd en aflosvorm: lineair, annuïtair of een andere contractuele afspraak.
- Rentepercentage en wijzigingen: verwerk het tarief dat bij iedere periode hoort.
- Extra aflossingen en extra opnames: noteer bedrag, datum en gevolg voor termijn of looptijd.
- Peildatum: kies bijvoorbeeld een maandultimo of de balansdatum van het boekjaar.
Lineaire lening berekenen: overzichtelijk rekenvoorbeeld
Neem een fictieve lineaire lening van € 12.000 met 24 maandelijkse aflossingen en 6% jaarrente. Zonder extra mutaties is de gewone aflossing € 500 per maand. In dit model is de eerste maandrente € 60: € 12.000 × 6% ÷ 12. De eerste betaling is dan € 560, maar de schuld daalt slechts met € 500.
Dit voorbeeld veronderstelt dat alle genoemde aflossingen zijn verwerkt en er geen extra opnames, achterstanden of saldocorrecties zijn. De rentebetaling verandert het saldo niet. De hoogte van volgende termijnen hangt na een extra aflossing af van de gekozen strategie en de afspraken met de geldverstrekker.
| Moment | Aflossing hoofdsom | Restschuld |
|---|---|---|
| Start | Nog geen aflossing | € 12.000 |
| Na eerste termijn | € 500 | € 11.500 |
| Na twaalf gewone termijnen | 12 × € 500 | € 6.000 |
| Daarna € 1.000 extra aflossen | Extra vermindering hoofdsom | € 5.000 |
Bij een annuïtaire lening verandert het aflossingsdeel
Bij een annuïtaire lening bestaat iedere reguliere termijn uit rente en aflossing. Zolang rente en afspraken gelijk blijven, is de termijn doorgaans gelijk, maar de verhouding verschuift: naarmate de schuld daalt, wordt het rentedeel kleiner en het aflossingsdeel groter.
Je kunt de restschuld daardoor niet betrouwbaar bepalen met 'aantal maanden × een vast aflossingsbedrag'. Gebruik de aflossing uit iedere termijn van het schema. Na een rentewijziging of extra aflossing kan een herberekening nodig zijn; neem niet automatisch de oorspronkelijke annuïteit over.
Extra aflossen lening: lagere termijn of kortere looptijd?
Extra aflossen verlaagt de hoofdsom wanneer de geldverstrekker de betaling als aflossing verwerkt. Vervolgens zijn er verschillende mogelijke afspraken: de looptijd blijft gelijk en de termijn daalt, of de termijn blijft zoveel mogelijk gelijk en de looptijd wordt korter. Beide keuzes geven een ander toekomstig renteverloop.
Controleer vóór een extra aflossing of er een vergoeding, limiet of andere voorwaarde geldt. Een bedrag dat als vergoeding wordt betaald is niet hetzelfde als extra aflossing van de hoofdsom. Vraag de geldverstrekker hoe het ontvangen bedrag wordt verdeeld en welke wijziging in het schema volgt.
Restschuld is niet altijd het volledige aflosbedrag
Een aflosnota kan naast de openstaande hoofdsom ook verschuldigde rente tot de aflosdatum en, als dat van toepassing is, een vergoeding voor vervroegde aflossing bevatten. De berekende restschuld alleen is daarom niet altijd genoeg om de lening volledig te beëindigen.
Gebruik voor daadwerkelijke afwikkeling een actuele opgave van de geldverstrekker met een duidelijke geldigheidsdatum. Een oude jaaropgave en een nieuw aflossingsschema kunnen allebei juist zijn voor hun eigen datum en toch verschillende saldi tonen.
Controle voor boekhouders: lening op de balans
Voor de aansluiting van een lening op de balans vergelijk je het beginsaldo plus opnames min aflossingen met het eindsaldo. Houd betaalde rente, nog te betalen rente en kosten apart van de hoofdsom. Of een kostenpost fiscaal aftrekbaar is, is een andere vraag dan de berekening van de restschuld.
- Sluit de peildatum van het schema aan op de balansdatum.
- Splits bankbetalingen in rente, gewone aflossing, extra aflossing en eventuele kosten.
- Controleer ontbrekende termijnen, extra opnames en afwijkende boekingsdatums.
- Vergelijk het berekende saldo met de jaaropgave en onderzoek verschillen per mutatie.
Bronnen en controle
Bronnen gecontroleerd op 20 oktober 2026. Deze uitleg vervangt geen beoordeling van je eigen situatie.